Verlichting met geweien, hoe het begon.

Vanwaar de fascinatie voor verlichting met geweien? Toen ik in 1996 voor het eerst in de Yukon (NW-Canada) een 14-daagse trektocht deed met enkele vrienden kwamen we tijdens onze trip verschillende kleine “cabins” tegen waar we telkens geweien vonden. De jagers ontweiden de geschoten dieren en lieten de schedels met de geweien achter aan het wilderniskamp en het vlees deden ze mee naar de beschaving. Telkens viel het mij op dat de geweien steeds verschillend waren, niettegenstaande het over dezelfde specie van herten ging. Soms vonden we ook afgeworpen geweien in de bossen die al dan niet knaagsporen vertoonden. Verschillende dieren knagen aan de geweien omdat die veel calcium bevatten. Zoals velen dacht ik vroeger ook dat men aan de geweien kon zien hoe oud een hert was. Na verschillende artikels te hebben gelezen over geweien weet ik nu ook dat dit een fabeltje is. De vorming van de geweien is ook afhankelijk van de erfelijke aanleg, hormonen, stress, parasieten en voeding. Herten die leven op een mineraalarme bodem ontwikkelen kleinere geweien (Schots edelhert) dan bijvoorbeeld herten in Centraal-Europa die soms sterk worden bijgevoederd en geweien ontwikkelen van 17 kg. Interesse om met geweien verschillende creaties & verlichting te maken is eigenlijk begonnen toen we onze Canadese blokhut wilden inrichten. In de verschilende loghome magazines zagen we foto’s met prachtige verlichting zoals  kroonluchters, hanglampen, tafellampen, decoratieartikelen, enz. gemaakt van geweien. Aangezien de verlichting hier in Europa op 220 Volt werkt, in tegenstelling tot Amerika en Canada, ging ik de uitdaging aan om zelf m’n eerste verlichting te maken met geweien. Aangezien geweien niet te vinden zijn op iedere straathoek, jammer genoeg ook niet in mijn tuin, kon de zoektocht beginnen. Het gebeurde dat ik op een vervlogen keer enkele geweien kon vinden op een rommelmarkt, maar dan waren het meestal geweien van damherten en die zijn wegens de vorm moeilijk om creaties van te maken. Voor de edelherten moest ik dus in de Ardennen zijn. Omdat de plaatselijke boswachters meestal de eersten zijn die de geweien vinden, deed ik een poging bij hen. Veel succes had ik niet want meestal vertelden ze mij dat ze de geweien bewaarden om de evolutie te volgen van de trofee of dat hun vrouw de stangen verzaagden om knopen van te maken. Gelukkig heb ik nu mijn connecties in Schotland, Duitsland en Tsjechië waar ik telkens mijn nodige kilo’s geweien kan aankopen.